• Rechtbank Midden-Nederland, 31 januari 2018, ECLI:NL:RBMNE:2018:247 

Een kinderleidster wordt op 29 april 2016 op staande voet ontslagen. Dat is het gevolg van een gebeurtenis de dag ervoor. Zij is als laatste kinderleidster aanwezig en moet afsluiten. Bij het afsluiten ziet zij een kind over het hoofd dat nog lag te slapen. Het kind is minder dan een half uur alleen geweest als de directeur de opvang weer opent na een telefoontje van de ouder. Een eerdere procedure tegen het ontslag op staande voet loopt niet goed af voor de kinderleidster, het ontslag op staande voet is terecht gegeven. De kindleidster heeft zich volgens de rechter ernstig verwijtbaar gedragen.

Vervolgens stelt de kinderleidster dat zij nog loon tegoed heeft. Met het loon vordert zij de wettelijke verhoging, maar ook een schadevergoeding. De opvang zou onrechtmatig hebben gehandeld doordat zij in een Facebookbericht over het voorval heeft verteld. In dat bericht is de voornaam van de kinderleidster vermeld. De opvang vordert op haar beurt een schadevergoeding van € 34.000,-, omdat de kinderleidster bewust roekeloos zou hebben gehandeld. Daardoor zouden kosten zijn gemaakt en zouden klanten zijn verloren.

De kantonrechter overweegt dat ten aanzien van bewuste roekeloosheid de werknemer zich kort voorafgaand aan het betreffende voorval bewust moet zijn van de consequenties. In dit geval betrof het een spijtige menselijke fout, maar was er geen sprake van bewuste roekeloosheid. De kinderleidster is dus niet aansprakelijk. Ook de opvang is niet aansprakelijk, omdat de kinderleidster onvoldoende heeft onderbouwd dat er schade is geleden.

De loonvordering wordt wel toegewezen. De opvang moet de maximale wettelijke verhoging betalen.

Kinderleidster vergeet kind en sluit de opvang af. Ontslag op staande voet terecht, maar geen bewuste roekeloosheid.
Terug