Rechtbank Limburg, 25 april 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:3967 

Werknemer is werkzaam bij GLS als loodsmedewerker. Op enig moment staat er een pakket in de loods die van de bank gevallen is en nu beschadigd is. In dit pakket zitten zaagbladen voor een decoupeerzaag. De zaagbladen zijn per vijf stuks verpakt in een kartonnetje. Werknemer neemt drie kartonnetjes uit het pakket weg en stopt deze in zijn broekzak. De overige kartonnetjes pakt hij opnieuw in een nieuwe doos in. Hij plaatst deze doos op de transportband. Op camerabeelden is de diefstal te zien. Werknemer wordt verhoord. Werknemer beweert dat hij de drie kartonnetjes met zaagbladen later weer heeft teruggegooid. GLS ontslaat werknemer op staande voet. Werknemer stelt nu dat er geen dringende reden is voor het ontslag op staande voet.

GLS heeft een zero-tolerance beleid, opgenomen in het personeelshandboek. Werknemer wist dit.  Het staat vast dat werknemer de bladeren uit het pakket heeft gehaald en in zijn broekzak heeft gestoken. De kantonrechter acht het niet relevant dat werknemer de betreffende zaagbladen niet mee naar huis heeft genomen. Daargelaten de vraag of diefstal hier in – de enge – strafrechtelijke dan wel civielrechtelijke zin moet worden opgevat, geldt in beide gevallen dat door de zaagbladen in de zak te steken de vereiste wegnemingshandeling was voltooid. Van vrijwillige terugtred is – ook daarmee – geen sprake. De kantonrechter oordeelt dat de feiten en omstandigheden voldoende grond opleveren voor een dringende reden voor het ontslag op staande voet. De kantonrechter wijst het verzoek van werknemer af.

Ontslag op staande voet na diefstal terecht gegeven
Terug